Verwijderen van rubber infill uit kunstgrasvelden: de huidige stand van zaken rond de Europese regelgeving
Wat houdt het Europese verbod precies in? Moeten bestaande velden onmiddellijk worden vervangen? En welke duurzame alternatieven voor SBR-rubber infill zijn vandaag beschikbaar?
Waarom een Europees verbod op rubbergranulaat?
In september 2023 heeft de Europese Commissie de zogenaamde microplasticsrestrictie binnen de REACH-wetgeving goedgekeurd. Deze regelgeving beperkt het op de markt brengen van opzettelijk toegevoegde microplastics in uiteenlopende producten, waaronder polymerische infillmaterialen voor kunstgrasvelden.
Hierdoor mogen synthetische infillmaterialen zoals SBR, EPDM en TPE vanaf oktober 2031 niet langer op de Europese markt worden gebracht. Er geldt een overgangsperiode van acht jaar zodat bestaande sportvelden hun normale levensduur kunnen bereiken.
Belangrijk om te weten: het gebruik van bestaande kunstgrasvelden met rubbergranulaat blijft toegestaan. De regelgeving richt zich op het verhandelen en toepassen van nieuwe polymerische infillmaterialen, niet op het onmiddellijke verwijderen van bestaande velden.
Moet rubber infill vandaag al verwijderd worden?
Nee.
Voor veel veldbeheerders betekent dit dat een onmiddellijke vervanging niet noodzakelijk is. Wel wordt het steeds belangrijker om bij renovaties en nieuwe aanlegprojecten rekening te houden met de situatie na 2031.
De praktijk leert dat veel kunstgrasvelden die vandaag worden aangelegd nog binnen hun technische levensduur zullen vallen wanneer de regelgeving volledig van kracht wordt. Daarom zien we dat steeds meer opdrachtgevers nu al kiezen voor oplossingen zonder synthetische rubberinfill.
De vervangingsmarkt komt op gang
De komende jaren zal een aanzienlijk deel van de Europese kunstgrasmarkt evolueren van traditionele SBR-systemen naar alternatieve infill-oplossingen.
Voor gemeenten en sportclubs spelen daarbij verschillende factoren:
- toekomstige regelgeving
- duurzaamheidsdoelstellingen
- milieu-impact
- onderhoudskosten
- speelcomfort
- temperatuurgedrag van het veld
Daardoor verschuift de aandacht steeds vaker naar natuurlijke en circulaire infillmaterialen.
Duurzame alternatieven voor SBR-rubber infill
Er bestaan vandaag verschillende alternatieven voor traditioneel rubbergranulaat.
-
Kurk als infill
Kurk is één van de bekendste natuurlijke infillmaterialen. Het wordt geproduceerd uit de schors van de kurkeik en heeft als voordeel dat het een hernieuwbare grondstof is.
Voordelen van kurk:
- natuurlijke oorsprong
- lagere oppervlaktetemperaturen tijdens warme dagen
- goede schokabsorptie
- positieve uitstraling op vlak van duurzaamheid
Tegelijk vraagt kurk specifieke aandacht tijdens ontwerp en onderhoud. Omdat het materiaal lichter is dan rubber, kan het gevoeliger zijn voor verplaatsing door wind of intensief gebruik. De keuze voor kurk moet daarom steeds worden bekeken binnen het volledige systeemontwerp van het kunstgrasveld.
-
Organische infillmaterialen
Naast kurk worden ook andere natuurlijke materialen toegepast, al dan niet in combinatievormen. Afhankelijk van de sport, gebruiksintensiteit en lokale omstandigheden kunnen deze oplossingen interessante alternatieven vormen.
-
Non-infill systemen
Een andere ontwikkeling is de opkomst van moderne non-infill kunstgrassystemen. Hierbij wordt het gebruik van losse infill sterk beperkt of volledig vermeden.
Voor bepaalde sporten en toepassingen bieden deze systemen een toekomstbestendig alternatief, zeker wanneer duurzaamheid en onderhoudsgemak centraal staan.
Het Pure PT™ kunstgrassysteem maakt gebruik van een innovatieve vezelsamenstelling waardoor geen traditionele infill nodig is, terwijl spelerscomfort en sporttechnische prestaties behouden blijven. Hierdoor vormt het een interessante optie voor organisaties die vandaag al willen anticiperen op de toekomstige regelgeving rond infillmaterialen.
Ervaringen met kurk als infill voor kunstgras
De ervaringen met kurk zijn overwegend positief, vooral bij clubs die belang hechten aan natuurlijke materialen en een lagere warmteontwikkeling van het speeloppervlak.
Toch bestaat er geen universele oplossing die voor elk sportveld ideaal is. Factoren zoals sporttype, gebruiksintensiteit, klimaat, onderhoudsstrategie en budget bepalen uiteindelijk welke infill het meest geschikt is.
Daarom is het belangrijk om niet enkel naar de regelgeving te kijken, maar ook naar de totale levenscyclus van het kunstgrassysteem.
Wat betekent dit voor sportclubs en gemeenten?
De Europese regelgeving creëert geen onmiddellijke verplichting om bestaande kunstgrasvelden met rubbergranulaat te vervangen. Wel is duidelijk dat de markt evolueert richting alternatieven die minder afhankelijk zijn van synthetische polymeren.
Voor nieuwe projecten is het daarom verstandig om vandaag al rekening te houden met de situatie na 2031. Een toekomstgerichte keuze kan toekomstige aanpassingen beperken en bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de organisatie.
Namsports begeleidt de overgang naar de volgende generatie kunstgrasvelden
De overstap van traditioneel rubbergranulaat naar duurzame alternatieven vraagt meer dan alleen een materiaalkeuze. Het gaat om prestaties, onderhoud, levensduur, regelgeving en totale eigendomskosten.
Bij Namsports volgen we de ontwikkelingen rond kunstgras, infilltechnologie en Europese regelgeving op de voet. Zo helpen we sportclubs, scholen, gemeenten en projectontwikkelaars bij het maken van een onderbouwde keuze voor hun volgende sportveld.